stappenplannen
Inbouwspots monteren (Halogeen)

Halogeen inbouwspots monteren

2 stemmen

Moeilijkheidsgraad: Gemiddeld

Halogeenspots leveren prima werklicht en zijn in combinatie met een dimmer ook heel geschikt als sfeerverlichting. Let wel op dat u dimbare spots koopt. Hoeveel spots heeft u nodig? Meestal wordt een onderlinge afstand van 1m aangehouden. Het aantal spots dat u op 1 transformator kunt aansluiten is beperkt (zie de verpakking).

 

 Inbouwspots monteren (halogeen)

Bekijk de benodigheden
tip!

Vervang de losse steeklampen altijd door lampen met hetzelfde wattage. Pak ze niet met de blote hand vast, maar in een zakdoek. Het glas mag namelijk niet vet worden, anders brandt de lamp zeer snel door. Bij lampen met een bajonet-aansluiting maakt dat niet uit. LED-verlichting is nog véél zuiniger dan Eco-halogeen.

01

Stroom uitschakelen

Schakel eerst de stroom uit.

Tip!
Halogeenlampjes worden erg warm. Daarom moet er tussen de achterkant van de spot en het plafond tenminste 10-15 cm ruimte open blijven. De spots moeten bovendien minstens 60 cm boven een voorwerp hangen. Een plafond van beton is te hard om gaten voor inbouwspots te maken. U moet dan eerst een (gedeeltelijk) verlaagd plafond aanbrengen. Zie hiervoor plafond van gipsplaten aanbrengen.

Plaats bepalen
02

Plaats bepalen

Bepaal waar de inbouwspots komen te hangen. Dit kunt u naar eigen inzicht doen. De inbouwspots moeten minstens 30 cm uit elkaar worden geplaatst. De maximale afstand hangt af van het vermogen van de spots en kunt u terugvinden op de verpakking of in de gebruiksaanwijzing.
03

Grootte gat bepalen

Bepaal de grootte van het gat waarin straks de inbouwspot wordt verwerkt. Op de verpakking of in de gebruiksaanwijzing van de spot staat de diameter meestal aangegeven. Kies een bijpassende gatenzaag. Een paar mm. speling is niet erg.
Gaten uitzagen
04

Gaten uitzagen

Zaag de gaten uit met een grote gatenboor. Een decoupeerzaag kan natuurlijk ook, maar geeft een minder fraai resultaat

05

Extra stopcontact

Maak voordat u het verlaagde plafond sluit een extra stopcontact. Hierdoor heeft u veel meer speelruimte. Verwijder hiervoor de stekker van een losse stekkerdoos. Strip de draden bloot en monteer het snoer m.b.v een kroonsteentje aan het lichtpunt in de kamer. Zo kunt u straks de spots bedienen met de schakelaar van dit lichtpunt.

Transformator aansluiten
06

Transformator aansluiten

Indien u 12 V halogeenspots hebt, maakt u gebruik van een transformator. Sluit de dunne en losse spotsnoertjes aan op de transformator. Laat telkens een van de spotsnoertjes uitkomen bij een van de gaten.

Steek de stekker van de transformator in de zojuist gemonteerde stekkerdoos.

Schuif de transformator door het gat.

07

Spots aansluiten

Trek bij 12 V spots het spotsnoertje van de transformator door het gat en sluit deze aan op de spot. Wanneer u inbouwspots heeft zonder transformator (230V): monteert u een los snoer met stekker aan de spot. De stekker gaat in de reeds geplaatste stekkerdoos.

Inbouwspot plaatsen
08

Inbouwspot plaatsen

Om te weten hoe u de inbouwspot in het gat moet plaatsen, dient u de gebruiksaanwijzing van de spot te raadplegen. De manier van plaatsen verschilt per inbouwspot.

 

Tip!

Zorg ervoor dat u er zeker van bent dat geen gereedschap of materialen boven het plafond zijn achtergebleven

09

Spot controleren

Controleer nu of de spot goed vast zit. 

Belangrijk!
Halogeen inbouwspots worden erg warm. Wanneer de inbouwspots worden afgedekt, kunnen ze de warmte niet kwijt. Hierdoor kan kortsluiting op brand ontstaan. Zorg er dus voor dat de spot niet bedekt worden door isolatiemateriaal of andere materialen die boven het plafond zijn achterbleven.

Plaatsen lamp
10

Plaatsen lamp

Ook voor het plaatsen van de lamp dient u de gebruiksaanwijzing van de spot te raadplegen.

Let op! Pak insteek halogeenlampjes niet met de blote hand, maar met een zakdoek vast. Het glas mag niet vet worden, anders brandt de lamp zeer snel door.

Stroom inschakelen
11

Stroom inschakelen

Schakel nu de stroom weer in.

Tip!
Vervang de bestaande lichtschakelaar voor een halogeendimmer. Daarmee haalt u extra sfeer in huis.

Elektriciteit

 

Als u aan het klussen bent met elektrisch gereedschap, let dan op het volgende:

 

  • Gebruikt u elektrisch gereedschap in combinatie met een kabelhaspel, rol dan de kabelhaspel helemaal uit. Een opgerold verlengsnoer kan zijn warmte niet kwijt en gaat op den duur smelten. Hierdoor ontstaan vonken, wat brand kan veroorzaken.
  • Sluit nooit teveel punten aan op één en dezelfde groep. Als de stop springt, valt alles tegelijk uit. Bovendien kan dit leiden tot overbelasting en oververhitting. Zware stroomtrekkers, zoals (vaat)wasmachine, droger en elektrische oven, moeten elk op een aparte groep zijn aangesloten.
  • Bent u klaar met een elektrisch gereedschap, trek dan de stekker uit het stopcontact!

 

klus bewust logo

Voor deze klus heeft u nodig:

  • Materialen(6)







  • Gereedschappen(5)